21.4 C
Brussel

Wat is nu in feite het échte communautaire plan van De Wever?

Gepubliceerd:

- Advertisement -

“Onafhankelijkheid is geen must.” Het is een zoveelste bocht die Bart De Wever – vandaag 20 jaar N-VA-voorzitter – heeft ingezet. Op enkele dagen voor de verkiezingen en dus alvorens nog maar één minuut onderhandelingen met de Franstaligen legt De Wever de lat opnieuw wat lager: “Ik zal nog meer zeggen: als [een confederaal België] functioneert, volstaat dat ook voor mij.”. De Wever lijkt zo zijn transformatie als communautaire kameleon te hebben voltooid. Van zelfverklaarde “pur sang”-separatist tot Belgisch kandidaat-premier. Dat schrijft voormalig VVB-woordvoerder en V-NIEUWS-hoofdredacteur Jonas Naeyaert in zijn nieuwste editoriaal.

“Ik ploeter in de modder die er is, u heeft een zandkasteel gebouwd.” De Wever was in het VTM-programma Het Conclaaf zeer cassant en laatdunkend jegens Tom Van Grieken die zijn Vlaamse onafhankelijkheidsplan met een deadline van 5 jaar uit de doeken deed. Het werd meteen ook één van de meest iconische momenten van de campagne. Tig analyses volgden, het werd meermaals opgerakeld in hierna volgende debatten, de fragmenten werden veelvuldig gedeeld …

Maar – en dat schetsten heel weinig journalisten, analisten en zelfs politicologen – wat Van Grieken weergaf is in feite de communautaire positie van de N-VA 20 jaar geleden, toen Bart De Wever voor het eerst voorzitter werd – in 2004.

De communautaire rollercoaster

De N-VA van Geert Bourgeois trok in 2001 namelijk heel helder de kaart van Vlaamse onafhankelijkheid. Dat was meteen ook een belangrijk onderscheid met het andere kamp van de voormalige Volksunie. De zoetwaterflaminganten rond Bert Anciaux – wat later Spirit zou gaan heten – vonden dat het wel verder kon binnen België. De kiezer vond later evenwel dat het wel verder kon zonder Spirit. Anciaux neemt zondag zijn politiek afscheid vanuit Vooruit.

  • Terug naar De Wever. Toen hij in 2004 voorzitter werd, nam hij dat onafhankelijkheidsverhaal van Bourgeois mee. In 2004 schreef hij zelfs in De Standaard (in de column-reeks Het Kostbare Weefsel, weet u nog) – een beetje als steek naar het toenmalige Vlaams Belang en pro-Belgische krachten – het volgende: “georganiseerd groepsegoïsme kunnen we missen in Vlaanderen, evenzeer als het cliché dat we ons met een onafhankelijk Vlaanderen in de duisternis storten”. Vandaag leest het als een steek naar De Wever zelf.
  • In 2006 volgde de eerste ‘rebranding’. Het separatisme of secessionisme kreeg een positievere bijklank met De Wevers nieuwerwetse term ‘independentisme’. Alleen, de term bleef niet echt hangen. Van een echte bocht was tevens nog geen sprake. “U blijft toch separatist?”, vroeg Het Nieuwsblad De Wever toen. “Ja, natuurlijk. Pur sang.”
  • Die eerste bocht zou er pas komen in 2010. U moet weten, op dat moment hadden zowel Open Vld als cd&v confederalisme in hun programma. Licht hallucinant want die partijen waren toen ook niet de electorale dwergen die ze nu zijn. 75% van de Vlaamse partijlandschap (Vlaams Belang, N-VA, Open Vld en cd&v) was dus voor Vlaams zelfbestuur. Tot dat jaar was N-VA evenwel niet confederalistisch. Bourgeois had zelfs nog in 2002 gezegd: “CD&V [toen nog met hoofdletters, red.] kiest voor het confederalisme, dat betekent voor twee deelstaten in België. Wij kiezen voor een onafhankelijk Vlaanderen. Dat is volgens mij iets helemaal anders.”

    In 2010 was het niet meer ‘iets helemaal anders’ en zei De Wever na het falen van Leterme II dit: “de Vlaamse partijen moeten de handen in mekaar te slaan om de stap naar het confederalisme te zetten.”

    De eerste bocht dus. De N-VA zou dat confederalisme zelfs helemaal uitschrijven (in tegenstelling tot vandaag, zo schreef KU Leuven-professor Bart Maddens vorige maand). Vlaanderen en Wallonië zouden onafhankelijke deelstaten worden met een eigen grondwet en de Belgische grondwet zou worden vervangen door een internationaalrechtelijk verdrag.

  • De tweede bocht zou niet lang op zich wachten. Het was al in 2013 toen toenmalig N-VA-parlementslid Siegfried Bracke zei dat N-VA misschien het communautaire moest opbergen om een Belgische socio-economische herstelregering op te stellen. In 2014 werd dat ook op poten gezet met Michel I: een regering zonder de PS. Van dat socio-economisch herstel was evenwel niet zo veel sprake (“de Zweedse regering was een grote teleurstelling”, aldus De Wever in HUMO vorig jaar), maar de communautaire frigo was echt.
  • Die communautaire koelkast zou blijven draaien tot en met 2018. Er mocht wel een communautair werkgroepje binnen de partij een beetje theoretisch pro-Vlaams knutselen en fantaseren – eerst onder Hendrik Vuye en Veerle Wouters en na hun ongenoegen over de communautaire coma door Sander Loones en Matthias Diependaele.
  • In 2019 kwam het confederalisme in een light-versie terug. De Wever startte toen onderhandelingen met PS-leider Paul Magnette. Volgens De Wever was dat een ommeslag richting een confederaal België, volgens de paars-gele nota die de N-VA zelf online zette niet. Geen splitsing van de sociale zekerheid, geen echte fiscale autonomie. In elk geval: paars-geel mislukte, net zoals De Wevers eerder gepoogde staatshervormingen in 2010 en 2007.
  • Over naar 2022 – dat ligt nog vers in het geheugen. Er werden weer radicale dure eden gezworen door De Wever. “Confederalisme of niks”, kopten alle kranten. Tijdens de energiecrisis rond de kerncentrales werd het nog strijdvaardiger. De Vlamingen moesten de institutionele atoombom van constitutionalist Robert Senelle en PS-kopstuk wijlen Philippe Moureaux durven inzetten om eenzijdig en integraal de bevoegdheid energie naar ons toe te trekken.
  • In 2023 werd het in Trends nog radicaler. Een meerderheid met Vlaams Belang moest dienen als breekijzer om van het federale niveau dingen af te dwingen. Want, “ik geloof niet meer in federale hervormingen. Ik doe daar niet meer aan mee.”
  • We zijn nu luttele uren voor de verkiezingen. Juni 2024. De Wever wil absoluut premier worden en stapt niet in regering zonder die functie. Vlaamse onafhankelijkheid hoeft niet meer.

De Wever, magische kameleon

Ergens schetst deze communautaire rollercoaster de magie die De Wever kan uitoefenen op het publieke debat. Ook zijn zogezegd ‘nieuwe en definitieve nee’ (alle Chinese muren zijn vergeten) ten aanzien van regeren met het Vlaams Belang enkele weken voor de verkiezingen werd gezien als een ‘belangrijke paradigmashift’ in de Belgische politiek. Enig andere politicus die zo’n ferme belofte zou maken momenten voor de verkiezingen zou volgens elke journalist verkiezingspraat verkopen. Maar De Wever kan bijna zeggen dat de lucht geel is, hij doet dat zo eloquent en met een retorisch spervuur dat weinigen durven afvragen: “is dat?”

Maar wie dat toch durft doen en vragen durft stellen, vindt al snel de flinterdunne fond in het communautaire plan van De Wever:

  • Van Griekens stappenplan naar onafhankelijkheid kan zogezegd politiek niet, want de Franstaligen willen niet. Maar voor het confederalisme zijn er anno 2024 welgeteld nul bondgenoten. En – zo vroeg Magnette scherp – als PVDA en het Vlaams Belang 1/3de van de 150 Kamerzetels zullen opvullen, waar gaat men de 2/3de meerderheid vinden die nodig is voor een staatshervorming? ‘Tous ensemble’ voor de confederale opdeling van België: wie gelooft daarin?
  • Van Griekens soevereiniteitsverklaring zou onzinnig zijn, want ongrondwettelijk. Maar het N-VA-plan uitgetekend voor 2014 schaft de Belgische grondwet gewoonweg af en vervangt die door een verdrag tussen Vlaanderen en Wallonië. Het algemeen stemrecht in 1918 was trouwens ook ongrondwettelijk. Dat heeft niemand tegengehouden.
  • Van Griekens pad naar onafhankelijkheid zou tot slot chaos betekenen, want er is nog nooit zoiets geprobeerd en er zijn geen precedenten. Maar dat geldt evenzeer voor De Wevers minikabinet met de PS. En voor de methode-Senelle (zie hierboven) is er in feite wél een belangrijk precedent.

Ten tweede is het überhaupt niet eens duidelijk wat het N-VA-plan nu écht is, want het verandert bijna elk jaar. Ook nu wordt in het N-VA-programma niet duidelijk uitgelegd wat nu hét doel is. Enkel wordt kort verwezen naar de teksten van het confederalismecongres van meer dan tien jaar geleden. En die vloeken met bijna alle recente uitspraken van De Wever.

Zondag staan nationalisten en elke andere vrije burgers dan ook voor de keuze. Kiezen we voor meer van hetzelfde en Belgische participationisme met de pro-Belgische systeempartijen, of kijken we door de magische teflon van De Wever en kiezen we voor meer Vlaanderen? Ik weet het alvast: België is het probleem, en Vlaanderen de oplossing.

Jonas Naeyaert
Jonas Naeyaert
Jonas Naeyaert (1989°, Gent) is hoofdredacteur van V-NIEUWS. Hij studeerde EU-studies aan de UGent. Voor V-NIEUWS richtte hij SCEPTR op en was hij woordvoerder bij het Vlaams Belang en de Vlaamse Volksbeweging.

Gerelateerd

Meest gelezen