Vlaams Parlementslid Sarah T’Joens (Vlaams Belang) vraagt duidelijkheid over de gevolgen van de nieuwe Vlaamse besparingsronde voor De Lijn. Minister van Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA) stelde eerder dat De Lijn vanaf 2027 opnieuw een groeipad zou volgen. De Septemberverklaring van de Vlaamse Regering kondigt echter een historische besparingsoperatie aan die in 2027 bijna 2 miljard euro bedraagt en tegen 2029 oploopt tot 3 miljard euro. T’Joens vreest in een persberichtdat de reiziger opnieuw de gevolgen zal voelen via minder dienstverlening of uitgestelde investeringen.
Volgens T’Joens komt die onzekerheid bovenop eerdere ingrepen bij De Lijn. De afgelopen jaren verdwenen haltes, lijnen en ritten en stegen ook verschillende tarieven. Vandaag kost een gewoon ticket bij De Lijn 3 euro en een tienrittenkaart 22 euro. De vervoersmaatschappij waarschuwt reizigers via haar app en website bovendien expliciet wanneer geplande ritten niet rijden. T’Joens stelt daarom dat de reiziger al veel heeft ingeleverd en nu recht heeft op duidelijkheid over wat de nieuwe begrotingskeuzes concreet betekenen.
Wat blijft er over van het beloofde groeipad voor De Lijn?
T’Joens plaatst vooral vraagtekens bij de tegenstelling tussen eerdere groeibeloften en de nieuwe budgettaire context. De investeringsmiddelen voor De Lijn schommelen bovendien sterk: volgens het geïntegreerd investeringsprogramma ging in 2025 ongeveer 748 miljoen euro naar De Lijn, tegenover ongeveer 350 miljoen euro in 2026 en 363 miljoen euro in 2027. Een belangrijk deel van het hogere bedrag in 2025 hield verband met 400 miljoen euro voor een versnelde vergroening van de busvloot.
T’Joens vraagt daarom welke investeringen of uitbreidingen de regering-Diependaele eventueel zal uitstellen of schrappen. “Minder geld voor de toekomst betekent onvermijdelijk dat ambities moeten worden bijgesteld”, stelt het Vlaams Parlementslid. Zij wil weten welke gevolgen reizigers zullen merken en of de regering vasthoudt aan eerder aangekondigde plannen rond nieuwe bussen, technologie en dienstverlening.
Volgens T’Joens heeft De Lijn vooral nood aan voorspelbare financiering en een betrouwbare dienstverlening. Zij noemt nieuwe aankondigingen over voertuigen, bodycams en technologie onvoldoende wanneer de regering tegelijk onzekerheid laat bestaan over de beschikbare middelen. “De Vlaming heeft geen behoefte aan nieuwe aankondigingspolitiek, maar aan betrouwbaar openbaar vervoer”, stelt ze. Haar centrale vraag blijft daarom hoeveel ruimte De Lijn in de begroting voor 2027 daadwerkelijk krijgt en welke gevolgen een lager groeipad voor de dagelijkse reiziger zal hebben.
